2015-01 Nieuwsbrief ISD Bollenstreek armoedebestrijding

Algemeen

Voor u ligt de eerste nieuwsbrief armoedebestrijding 2015 van de ISD Bollenstreek (ISD).
Heeft deze nieuwsbrief voor u geen toegevoegde waarde of mist u zaken en hebt u verbetersuggesties? We horen het graag van u. Reacties kunt u sturen naar info@isdbollenstreek.nl.

Participatiewet

Op 1 januari 2015 is de Participatiewet in werking getreden. Deze wet is in de plaats gekomen van de Wet werk en bijstand (WWB). In deze nieuwsbrief leggen we de belangrijkste wijzigingen waar klanten mee te maken krijgen kort uit. Dit zijn:

  • De kostendelersnorm
  • De uitkering voor alleenstaande ouders
  • De arbeidsverplichtingen en strengere maatregelen bij het niet nakomen daarvan
  • De tegenprestatie
  • POB/inspanningspremie (die in de plaats is gekomen van de langdurigheidstoeslag)

De kostendelersnorm

Kort gezegd betekent de kostendelersnorm dat als iemand een woning deelt met meer volwassenen, zijn bijstandsuitkering daarop wordt aangepast. Hoe meer personen van 21 jaar of ouder in een woning wonen, hoe lager de bijstandsuitkering. De reden hiervoor is dat als er meer personen in één woning wonen, zij de kosten kunnen delen. Vandaar de kostendelersnorm.

 Wat is een meerpersoonshuishouden?

De kostendelersnorm geldt voor volwassenen (niet zijnde gehuwden/samenwonenden) die samen een woning delen. Dit heet een meerpersoonshuishouden. Dit kan bijvoorbeeld een gezin zijn met twee ouders en een aantal volwassen inwonende kinderen. Er kan ook een inwonende (groot)ouder bij horen, een broer of zus, neef of nicht. Of de partner van de volwassen zoon of dochter.
Voor de kostendelersnorm maakt het niet uit of het om familie gaat of niet. Het maakt ook niet uit waarom mensen samen een woning delen. De voordelen van woningdelen staan los van de redenen waarom iemand samenwoont.

 Wie tellen er wel en niet mee voor de kostendelersnorm?

Niet alle volwassenen tellen mee voor de kostendelersnorm. Wie tellen niet mee?

  • Jongeren tot 21 jaar,
  • Studenten die een studie volgen die recht kan geven op studiefinanciering (Wsf 2000).
  • Leerlingen die de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) volgen.
  • Leerlingen van 21 jaar of ouder die onderwijs volgen dat recht geeft op Wet tegemoetkoming onderwijskosten schoolgaande kinderen (Wtos).
  • Kamerhuurders en kostgangers die een normale (commerciële) prijs betalen voor de kamer en/of de kost en inwoning.
  • Verhuurders en kostgevers die een zakelijk of commerciële relatie hebben met de huurders of kostgangers in hun woning.

Hoe werkt de kostendelersnorm?

Hoe meer volwassen personen tot een meerpersoonshuishouden behoren, hoe lager de bijstandsuitkering per uitkeringsgerechtigde.
In onderstaande tabel ziet u de hoogte van de bijstandsuitkering in percentages per huishoudtype. Hierbij staat 100% voor de bijstandsuitkering voor gehuwden en samenwonenden:

Huishouden Bijstandsnorm per persoon Totale bijstandsnorm als alle personen bijstand ontvangen
Eénpersoonshuishouden 70% 70%
Tweepersoonshuishouden 50% 100%
Driepersoonshuishouden 43 1/3% 130%
Vierpersoonshuishouden 40% 160%
Vijfpersoonshuishouden 38% 190%

Bij een huishouden met vier meetellende personen krijgt elke persoon die recht heeft op een bijstandsuitkering een uitkering van maximaal 40% van de gehuwdennorm. Bovenstaande tabel stopt bij een vijfpersoonshuishouden, maar de kostendelersnorm geldt ook voor huishoudens met meer dan vijf personen. Voor alleenstaanden en gehuwden zonder inwonenden is er niets veranderd.

Voor nieuwe bijstandsgerechtigden geldt de kostendelersnorm vanaf 1 januari 2015. Voor de mensen die al bijstand kregen op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en de bijstand nog krijgen, geldt de kostendelersnorm vanaf 1 juli 2015.

De uitkering voor alleenstaande ouders

Vanaf 1 januari 2015 is de uitkering voor een alleenstaande ouder gelijk aan die van een alleenstaande. De alleenstaande ouder zonder toeslagpartner heeft vanaf 1 januari 2015 recht op extra kindgebonden budget via de Belastingdienst.

Arbeidsverplichtingen en strengere maatregelen

Wie een bijstandsuitkering heeft, heeft meestal ook arbeidsverplichtingen. Die houden in dat iemand er zelf zo veel mogelijk aan moet doen om weer aan werk te komen of om actief mee te doen in de samenleving. De arbeidsverplichtingen zijn niet nieuw, die stonden ook al in de Wet werk en bijstand (WWB). Maar in de Participatiewet zijn ze uitgebreider beschreven. Als iemand zich niet aan deze verplichtingen houdt, krijgt hij vanaf 2015 met strengere (hogere) maatregelen te maken.

Wat zijn de arbeidsverplichtingen?

Vanaf januari 2015 hebben mensen die een bijstandsuitkering krijgen in principe de volgende arbeidsverplichtingen:

  • Proberen betaald werk te vinden. Daarvoor ingeschreven staan als werkzoekende bij het UWV maar ook bijvoorbeeld vacatures zoeken, solliciteren, een werkmap aanmaken op www.werk.nl en ingeschreven staan bij een of meer uitzendbureaus.
  • Niet alleen naar werk zoeken in de eigen woonplaats, maar ook in de regio of nog verder weg. En als werk wordt gevonden of werk wordt aangeboden, dan dit werk aannemen.
  • Bereid zijn om voor het werk te reizen. Werk waarvoor iemand elke dag tot maximaal 3 uur moet reizen (11/2 uur heen en 11/2 uur terug) mag niet worden geweigerd.
  • Als het nodig is om werk te krijgen of te houden, moet iemand zelfs verhuizen. Hij/zij moet dan wel een contract hebben voor ten minste een jaar en zo veel verdienen met deze baan dat hij/zij geen bijstandsuitkering meer nodig heeft.
  • Zich houden aan de afspraken die over re-integratie met de ISD Bollenstreek zijn gemaakt. En de re-integratievoorzieningen accepteren die de ISD Bollenstreek aanbiedt.
  • Kennis en vaardigheden bijhouden of verbeteren, als dit nodig is voor het krijgen of behouden van werk.
  • Geen dingen doen die het krijgen van werk of het behouden daarvan moeilijker maken. En je best doen bij sollicitaties. Zo moeten mensen ervoor zorgen netjes gekleed, met een verzorgd uiterlijk en op tijd op hun sollicitatiegesprek of op het werk te verschijnen.

Moet iedereen met een bijstandsuitkering aan alle arbeidsverplichtingen voldoen?

Alle mensen met een bijstandsuitkering moeten de arbeidsverplichtingen nakomen tenzij zij volledig zijn ontheven van de arbeidsverplichtingen omdat zij volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn.

Klanten moeten er ‘naar vermogen’ alles aan doen om werk te vinden of te behouden. De ISD Bollenstreek gaat daarom na wat een klant kan doen om werk te zoeken en wat misschien niet.

Wat gebeurt er als iemand zich niet aan de arbeidsverplichtingen houdt?

Als een klant de arbeidsverplichtingen en de afspraken hierover met de ISD Bollenstreek niet nakomt, dan legt de ISD Bollenstreek een maatregel op. De klant krijgt dan tijdelijk een lagere uitkering of zelfs helemaal geen uitkering. Voor een aantal arbeidsverplichtingen is vanaf 1 januari 2015 in de wet zelf geregeld dat een veel zwaardere maatregel geldt.

De tegenprestatie

De ISD Bollenstreek mag van personen die een uitkering voor levensonderhoud ontvangen, vragen daarvoor een tegenprestatie te doen. Die tegenprestatie bestaat uit onbetaalde activiteiten die nuttig zijn voor de samenleving. Maar een tegenprestatie kan ook nuttig voor de klant zelf zijn. Zoals andere mensen ontmoeten, vaardigheden ontwikkelen die bij een betaalde baan goed van pas komen en iets nuttigs doen voor andere mensen/de samenleving.

Wat kan iemand doen als tegenprestatie?

Tegenprestaties zijn bijvoorbeeld klussen die door verenigingen, organisaties en maatschappelijke instellingen worden aangeboden. Denk aan bijvoorbeeld:

  • Koffie schenken in een wijkhuis
  • Het opknappen van speelplekken in de wijk
  • Taalmaatje zijn voor inburgeringsplichtigen
  • Vrijwilligersactiviteiten bij een sportvereniging

De bedoeling is dat klanten eerst zelf op zoek gaan naar een activiteit die als tegenprestatie geldt. Lukt het niet om binnen 8 weken een geschikte activiteit te vinden, dan kiest de ISD Bollenstreek een activiteit.

 Wat gebeurt er als iemand niet meewerkt?

Als de ISD Bollenstreek een tegenprestatie vraagt, maar de klant wil hieraan niet meewerken, dan kan de ISD Bollenstreek een maatregel opleggen. Dat betekent dat de klant één of een aantal maanden een lagere uitkering of helemaal geen uitkering krijgt. In een verordening is geregeld hoeveel lager de uitkering dan wordt en gedurende welke periode.

De langdurigheidstoeslag en de individuele inkomenstoeslag

De langdurigheidstoeslag is per 1 januari 2015 gewijzigd in de individuele inkomenstoeslag. De ISD Bollenstreek noemt deze individuele inkomstentoeslag het persoonsondersteunend budget. De ISD Bollenstreek kent ook de inspanningspremie. Mensen kunnen maar voor één van beide in aanmerking komen.

Wat is een persoonsondersteunend budget of een inspanningspremie?

Het is een geldbedrag dat de ISD Bollenstreek één keer per jaar kan geven als iemand 12 maanden lang weinig inkomsten of vermogen heeft. Het geld  kan worden besteed aan bijvoorbeeld spullen die met een minimuminkomen soms moeilijk kunnen worden betaald, zoals een nieuwe koelkast of wasmachine. Het geld kan ook gebruikt worden als iemand bijvoorbeeld een eigen bijdrage moet betalen als de aanvullende zorgverzekering niet alle kosten vergoedt of als bijvoorbeeld het eigen risico uit de basisverzekering betaald moet worden omdat iemand naar het ziekenhuis is geweest.

Wat zijn de voorwaarden om in aanmerking te komen voor het persoonsondersteunend budget?

  • Aanvrager is  21 jaar of ouder, maar niet ouder dan de AOW-leeftijd.
  • Het inkomen is de afgelopen 12 maanden niet hoger geweest dan 110% van het voor de aanvrager geldende bijstandsbedrag.
  • De afgelopen 12 maanden is het eigen vermogen niet hoger geweest dan het bedrag dat iemand voor de bijstand mag hebben.
  • De afgelopen 12 maanden heeft de aanvrager niet eerder een langdurigheidstoeslag of een persoonsondersteunend budget of de inspanningspremie ontvangen.
  • De aanvrager heeft geen uitzicht op inkomensverbetering.

Er is geen uitzicht op inkomensverbetering als iemand bijvoorbeeld volledig is ontheven van de arbeidsverplichtingen of als iemand voor 50% is ontheven van de arbeidsverplichting maar voor de overige 50% werkzaam is. Er is bijvoorbeeld wel uitzicht op inkomensverbetering als iemand studeert.

 Wat zijn de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de inspanningspremie?

  • Aanvrager is 27 jaar of ouder, maar niet ouder dan de AOW-leeftijd.
  • Hij/zij heeft de afgelopen 12 maanden een uitkering op grond van de WWB/PW, IOAW of IOAZ ontvangen.
  • De afgelopen 12 maanden is het eigen vermogen niet hoger geweest dan het bedrag dat iemand voor de bijstand mag hebben.
  • De afgelopen periode van 12 maanden heeft de aanvrager niet eerder een langdurigheidstoeslag of een persoonsondersteunend budget of de inspanningspremie ontvangen.
  • De aanvrager heeft wel uitzicht op inkomensverbetering.
  • De aanvrager heeft de afgelopen 12 maanden geen verlaging (maatregel) op de uitkering gekregen wegens niet voldoen aan de arbeidsverplichtingen. Hij/zij heeft er alles aan gedaan om aan het werk te komen.

Er is uitzicht op inkomensverbetering als iemand bijvoorbeeld niet (volledig) is ontheven van de arbeidsverplichting en nog niet werkt.

Bijzondere bijstand

In 2014 bestonden er twee soorten bijzondere bijstand: individuele en categoriale bijzondere bijstand.  Per 1 januari 2015 zijn bijna alle vormen van  categoriale bijzondere bijstand  afgeschaft in de Participatiewet. Dat betekent dat de Regeling Sportieve en Sociaal Culturele Activiteiten (SSCA) en de Regeling chronisch zieken, ouderen en gehandicapten zijn vervallen per 1 januari 2015.

Alleen de collectieve aanvullende zorgverzekering (bij Zorg en Zekerheid) bestaat nog. Dit is de enige vorm van categoriale bijzondere bijstand die ook in 2015 mogelijk is. Daarnaast blijft de individuele bijzondere bijstand bestaan.

Categoriale bijzondere bijstand: collectieve aanvullende zorgverzekering

Inwoners van de Bollenstreekgemeenten met een laag inkomen en vermogen kunnen gebruik maken van de collectieve aanvullende zorgverzekering. De deelnemers krijgen van Zorg en Zekerheid korting op de premie van de basisverzekering en de ISD Bollenstreek betaalt een groot deel van de premie van de collectieve aanvullende zorgverzekering.

De regering heeft de regeling Compensatie eigen risico (Cer) en de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten (Wtcg) afgeschaft. Daarom is het pakket  van de collectieve aanvullende zorgverzekering (de AV-Gemeente-Top) in 2015 uitgebreid met een aantal extra dekkingen, speciaal voor mensen met hoge zorgkosten.

Wat is individuele bijzondere bijstand?

Individuele bijzondere bijstand is een (gehele of gedeeltelijke) bijdrage van de ISD Bollenstreek voor noodzakelijke kosten die iemand vanwege bijzondere omstandigheden moet maken en die de betreffende persoon niet zelf kan betalen. Bijzondere bijstand kan deze kosten (gedeeltelijk) vergoeden. Die kosten moeten dan wel aan een aantal voorwaarden voldoen:

  • Het zijn kosten die uit bijzondere omstandigheden zijn ontstaan;
  • Het zijn noodzakelijke kosten die iemand móet maken. Soms moet die noodzaak door een arts of andere deskundige zijn vastgesteld.
  • En de kosten mogen nergens anders geheel of gedeeltelijk vergoed worden, ook niet door de (zorg-)verzekeraar bijvoorbeeld.

De aanvrager moet altijd aantonen dat hij de kosten maakt, anders kan hij/zij er geen bijzondere bijstand voor krijgen.

Bijzondere bijstand moet in principe worden aangevraagd vóórdat de kosten gemaakt worden. De ISD kan anders niet goed meer beoordelen of de kosten echt noodzakelijk zijn.

Heeft iemand persoonsondersteunend budget of een inspanningspremie ontvangen en dient die persoon vervolgens  een aanvraag voor bijzondere bijstand in, dan moet hij/zij kunnen aantonen waarom de kosten niet kunnen worden betaald uit het persoonsondersteunend budget of de inspanningspremie.

Landelijk nieuws

CBS: Armoede in 2013 toegenomen, maar piek lijkt bereikt

  • In 2013 is het aandeel huishoudens en personen onder de armoedegrens toegenomen. In 2011 en 2012 was dit ook het geval. Ramingen wijzen op een lichte daling in 2014 en 2015.
  • Ook de langdurige armoede liep in 2013 op.
  • De armoede is het hoogst bij eenoudergezinnen, alleenstaanden tot 65 jaar, niet-westerse huishoudens, bijstandsontvangers en kinderen. Bij al deze groepen was sprake van een verdere verslechtering van de inkomenspositie ten opzichte van 2012.
  • Armoede concentreert zich in de grote steden. De postcodegebieden met de meeste armoede liggen in Leeuwarden en Den Haag.
  • Dit zijn enkele conclusies uit het in december 2014 verschenen Armoedesignalement 2014. In het rapport geven onderzoekers van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) een zo actueel mogelijk beeld van de omvang, ontwikkeling en karakteristieken van armoede in Nederland.

(bron: CBS)

Monitor Betalingsachterstanden 2014: belangrijkste conclusies

In 2014 had 32% van de huishoudens in Nederland een vorm van betalingsachterstand. Dit zijn 2,3 miljoen huishoudens. In 2011 ging het om 28% huishoudens. De monitor is een onderzoek onder ruim 10.000 huishoudens. Andere belangrijke conclusies zijn:

  • Er is een toename van alle type achterstallige rekeningen zoals terugbetalingen aan de Belastingdienst, ziektekostenverzekering en hypotheek of huur.
  • De omvang van de bedragen van de achterstallige rekeningen is niet of nauwelijks toegenomen sinds 2011.
  • Ten opzichte van 2011 hebben meer huishoudens een krediet of lening. Geld lenen bij familie, vrienden of kennissen is het meest toegenomen.
  • Alleenstaanden met kinderen en de lage inkomensgroepen zijn oververtegenwoordigd in de  huishoudens met betalingsachterstanden.
  • Ook de groepen met meer inkomen, 65+- ers, samenwonenden/gehuwden met kinderen en autochtonen en westerse allochtonen hebben te maken met een toename van achterstallige rekeningen. Het gaat dan om bepaalde typen betalingsachterstanden, zoals creditcardschulden, doorlopende kredieten en persoonlijke leningen.

(bron: Nieuwsbrief Stimulansz over armoede en schulden)

Meer informatie

Op de website van de ISD www.isdbollenstreek.nl kunt u meer informatie vinden over de door de ISD uitgevoerde regelingen.


Aan deze nieuwsbrief kunnen geen rechten worden ontleend.

Uitgelicht

Volg ons